Afvloeiing in overleg

Met een werknemer is afgesproken dat hij als afvloeiingsregeling acht bruto maandsalarissen meekrijgt. Toch heeft de werknemer een probleem; hij heeft onvoldoende arbeidsverleden om aanspraak te kunnen maken op WW.

Hij vraagt daarom of hij op een termijn van acht maanden afscheid kan nemen, zonder dat een vergoeding wordt betaald. De werkgever heeft geen bezwaar, maar vraagt zich af of het UWV Werkbedrijf hiermee in zal stemmen.

De vraag kan niet met honderd procent zekerheid worden beantwoord, omdat het inderdaad het UWV Werkbedrijf is dat beslist of er wel of geen WW-uitkering wordt toegekend. Maar het is wel zo dat er in principe alles kan worden overeengekomen in een vertrekregeling, mits de afspraken niet in strijd zijn met de goede zeden.

Het is onwaarschijnlijk dat het UWV Werkbedrijf de medewerker een sanctie zal opleggen omdat hij bewust heeft meegewerkt aan een beëindiging op een relatief lange termijn zodat hij aan de eisen voor WW voldoet. Een dergelijk verwijt zou erop neerkomen dat de werknemer ervoor had moeten zorgen dat hij tegen een eerdere datum ontslagen zou worden.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *


*