Zieke oproepkracht kan recht op loon hebben

Een werknemer tekent een arbeidsovereenkomst met uitgestelde prestatieplicht. Na zes weken wordt hij ziek. Hij verwacht dat zijn werkgever hem doorbetaald, maar die is dat niet van plan

Werkgever en werknemer zijn geen onbekenden van elkaar. De man heeft eerder als stratenmaker voor het bedrijf gewerkt. Na drie maanden werkloosheid, werd hij opnieuw gevraagd om te komen werken. Terwijl hij al aan het werk was, kreeg hij op de werkplek door zijn directeur een arbeidsovereenkomst met uitgestelde prestatieplicht overhandigd. Hij heeft deze ter plekke ondertekend.

De zes weken daarop werkt de stratenmaker elke dag voor het bedrijf, met uitzondering van de officiële feestdagen. Dan laat hij zich ziekmelden. Daarna wordt hij niet meer opgeroepen, en niet meer uitbetaald. Het UWV weigert hem een ziekteuitkering en zegt dat zijn werkgever hem moet doorbetalen omdat er sprake is van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd.

Hierop treffen werkgever en werknemer elkaar voor de rechter. De werknemer vindt dat er feitelijk sprake is van een gewone arbeidsovereenkomst. Hij is slechts twee keer expliciet opgeroepen voor werk, de andere dagen hervatte hij gewoon uit zichzelf het werk bij een van de twee projecten waar hij werd ingezet. Hij wil niet alleen voor de duur van het project waar hij werkte worden doorbetaald, maar ook voor de periode daarna.

De werkgever vindt dat een arbeidsovereenkomst met uitgestelde prestatieplicht hem ontslaat van het doorbetalen van loon bij ziekte. Als hij de werknemer niet oproept, wordt er geen werk verzet en hoeft er dus ook niet te worden betaald.

De rechter legt de waarheid in het midden. Na zes weken kan nog niet worden geconstateerd dat het oproepkracht in de praktijk een gewone arbeidsovereenkomst is. Maar het is wel degelijk zo dat als de werknemer zich niet ziek had gemeld, hij tot het einde van het project – bijna drie weken later – werk zou hebben gehad, zonder daarvoor iedere dag afzonderlijk te worden opgeroepen.

De werkgever moet daarom  de werknemer betalen voor de duur van het inmiddels afgeronde project, maar niet langer dan dat.

LJN: BX2834, Rechtbank Leeuwarden, sector kanton 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *


*