Zo gaat het nieuwe ontslagrecht werken

Auteur:Steffan de Jong | 12-07-2012 | Share/Bookmark Mail dit artikel
241760

De Tweede Kamer geeft minister Kamp groen licht om zijn wetsvoorstel voor het nieuwe ontslagrecht verder uit te werken. Maar hoe gaan de plannen er voor HR uitzien?

0 Flares 0 Flares ×

Deze week kreeg minister Kamp van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een akkoord van de Tweede Kamer om het ontslagrecht en de WW verder uit te werken. De bedoeling is dat er aan het einde van het jaar een uitgewerkte versie naar de Tweede Kamer gestuurd kan worden. Tot die tijd moet Kamp openstaan voor kritiek van werkgevers en de vakbonden. Ook zal er na het zomerreces verder worden gediscussieerd door de politieke partijen. Zij laten hun mening over het ontslagrecht en de WW al horen in de verkiezingsprogramma´s.

Stëffan de Jong van Sterc arbeidsrecht advocaten, legt de nieuwe plannen uit en vergelijkt een ontslagsituatie binnen het huidige ontslagrecht met een situatie volgens de nieuwe ontslagplannen:

De huidige economische situatie heeft geleid tot nieuwe plannen voor wijziging van het ontslagrecht. Volgens onderzoeken die de wijziging moeten ondersteunen is dat broodnodig. De arbeidsmobiliteit in Nederland is de laagste binnen Europa. Nederlandse werknemers werken gemiddeld lang bij dezelfde werkgever. Bovendien is de arbeidsmobiliteit ongelijk verdeeld. Ten opzichte van werknemers met een vast contract, dragen werknemers met een tijdelijk contract het sterkst bij aan de dynamiek van de arbeidsmarkt. Er is ook sprake van een verschil in rechtspositie. In vergelijking met andere landen kent Nederland een hoge ontslagbescherming voor werknemers met een vast contract.
De nieuwe formule moet van toepassing zijn op alle ontslagzaken en legt de nadruk op de te lijden schade. Is de kans groot dat de werknemer makkelijker nieuw werkt vindt, dan wordt de vergoeding lager dan wanneer de kans op werk erg laag is. Volgens het kabinet worden met deze plannen vaste contracten minder vast gemaakt en flexibele contracten minder flexibel. De kosten die gemoeid zijn met een beëindiging van een vast contract gaan omlaag. De kosten bij korte contracten – met name bij het niet verlengen van tijdelijke contracten – gaan daarentegen omhoog.

Eén ontslagroute
Als het aan het huidige kabinet ligt komt er één ontslagroute met een toets achteraf door de rechter. De UWV-route verdwijnt. De werkgever moet de werknemer over het voorgenomen ontslagen ‘horen'. Na deze schriftelijke hoorprocedure besluit de werkgever al dan niet tot het opzeggen van de arbeidsovereenkomst. Er geldt een uniforme opzegtermijn van twee maanden.

Rechter
Heeft de werknemer tegen het ontslag bezwaar, dan kan deze achteraf naar de rechter. Die zal de reden van het ontslag marginaal toetsen. Onvoldoende functioneren zal nog steeds  door de werkgever moeten worden bewezen. Ook de huidige regels bij een ontslag wegens bedrijfseconomische redenen, zoals de toepassing van het afspiegelingsbeginsel, blijven gelden. Als gebleken is dat de door de werkgever aangevoerde redenen onjuist zijn, dan kan de rechter het ontslag terugdraaien. De rechter kan het ontslag ook in stand laten, maar, bij verwijtbaarheid, de werkgever veroordelen om aan de ontslagen werknemer een vergoeding te betalen. De vergoeding is in beginsel hoogstens een half maansalaris per dienstjaar met een maximum van een jaarsalaris. Hoger beroep is alleen mogelijk tegen de hoogte van de toegekende vergoeding. De ontbindingsprocedure blijft overigens bestaan voor gevallen waarin de werkgever de arbeidsovereenkomst niet kan opzeggen, bijvoorbeeld tijdens ziekte of een ander opzegverbod.

Transitiebudget en WW-premie
De huidige ‘standaard' ontslagvergoedingen verdwijnen. In plaats daarvan ontvangt elke werknemer waarmee de arbeidsrelatie onvrijwillig wordt beëindigd een ‘transitiebudget'. Dit budget is bedoeld voor scholing of andere trajecten om de inzetbaarheid van de werknemer te vergroten en bedraagt een kwart maandsalaris per dienstjaar met een maximum van zes maandsalarissen. De kosten voor de eerste zes maanden van werkloosheid worden bij de werkgever neergelegd. Het transitiebudget en het door de werkgever betalen van de kosten bij werkloosheid, geldt – aldus de plannen – ook bij werknemers met een tijdelijk contract.

Ontslag in het huidige stelsel
Een voorbeeld: Peter is 50 jaar en moet na een dienstverband van 12 jaar als gevolg van een reorganisatie het veld ruimen. Ervan uitgaande dat zijn arbeidsovereenkomst wordt ontbonden twee maanden na indiening van het ontbindingsverzoek, dan ontvangt Peter een vergoeding gelijk aan 14,5 maandsalarissen. Wordt de arbeidsovereenkomst met toestemming van het UWV WERKbedrijf opgezegd, dan zal Peter voor toekenning van een eventuele vergoeding zelf naar de rechter moeten stappen. In dat geval blijkt een vergoeding vele malen lager te zijn dan bij ontbinding.

Ontslag in het nieuwe stelsel
Een voorbeeld: Het ontslag van Peter wordt met oog op het mogelijk nieuwe ontslagrecht uitgesteld. Als het anno 2014 zo ver is (en Peter inmiddels een dienstverband heeft van 14 jaar) moet hij bij de directeur komen. Die houdt Peter voor dat het bedrijf vanwege bedrijfseconomische redenen de arbeidsovereenkomst wil beëindigen en vraagt Peter wat hij er van vindt. Ongetwijfeld lamgeslagen door de mededeling weet Peter geen woord uit te brengen en verlaat hij met laaghangende schouders het vertrek van zijn baas. Eenmaal thuis vindt hij een brief met bevestiging van het gesprek. Nadat Peter tijd is gegund om op het voorgenomen ontslag alsnog te reageren, neemt de directeur het definitieve besluit: Peter gaat eruit. Na afloop van de opzegtermijn van twee maanden houdt de loonbetaling op en is het daadwerkelijk einde oefening. Aan Peter wordt een transitiebudget ter beschikking gesteld van 3,5 maandsalarissen. Bovendien moet de werkgever de eerste zes maanden van werkloosheid betalen in het geval Peter een beroep op de WW doet. Peter heeft de mogelijkheid om de ontslagreden achteraf ter toetsing aan de rechter voor te leggen, maar ziet daarvan af.

Met de plannen van minister Kamp zullen kleine werkgevers bij wijziging van het ontslagrecht met meer kosten worden geconfronteerd. Ten opzichte van grote werkgevers maken zij momenteel veelal gebruik van de (goedkopere) UWV-route. Daarom onderzoekt het kabinet of voor hen een uitzondering kan worden gemaakt wat betreft de betaling van de eerste maanden van de WW. De wetgever streeft ernaar om voor aanpassing van het ontslagrecht dit najaar een wetsvoorstel aan de Tweede Kamer te sturen.

 

 

0 Flares Twitter 0 Facebook 0 Google+ 0 LinkedIn 0 0 Flares ×
Trefwoord: |